Onze staff is nog steeds enthousiast om zelf lekker onderwater te gaan in Zeeland. Voor Jan en Yannika geldt dat ze regelmatig met duikmaatjes Job en Saskia duikjes maken in de Oosterschelde. Dit keer waren Jan, Job en Yannika op pad voor een paar dagen duiken in de Zeeuwse wateren rond Koningsdag.
Een duikweekend wordt voorbereid
De voorbereiding is het halve werk. De watertemperatuur betekent dat het droogpak meegaat. Het duikplan krijgt vorm door de getijdentabellen te raadplegen, te speuren in logberichten van andere duikers naar leuke waarnemingen, en onze eigen kennis en wensen. Zo weten we dat er vele soorten zeenaaktslakjes gespot zijn in afgelopen weken, dat de eerste sepia’s en zeepaardjes gezien zijn, maar ook dat de algenbloei van start was.
Carpoolend naar Zeeland wordt ons duikplan voor dag 1 definitief gemaakt. Een duikdagje om er lekker in te komen. We gaan naar Anna Jacobapolder en de Bergse Diepsluis Oesterdam. We hopen bij Anna Jacobapolder een paar slaksoorten te zien en we gaan een toertje maken bij de Bergse Diepsluis om de stokken, die door duikers geplaatst worden zodat de sepia’s hun eieren kunnen afzetten, af te speuren.
Voor beginnende duikers: rustig opbouwen in de Grevelingen
Het Grevelingenmeer is afgesloten van de zee. Geen stroming, relatief helder water en een bodem vol leven. Dat maakt het de ideale plek voor je eerste buitenwaterduiken – je hebt alle ruimte om te wennen aan je uitrusting, je drijfvermogen te oefenen en gewoon te genieten van wat er onder de oppervlakte leeft, zonder dat de stroming je plannen in de war gooit.
Den Osse Haven is een van die duikstekken waar je bijna altijd goed zit als je ontspannen wilt duiken. De instap is toegankelijk en onder water loopt het profiel overzichtelijk af, waardoor je zelf kunt kiezen hoe diep en hoe lang je duikt. Het leven zit hier niet verstopt in de verte, maar vaak al vlak bij de kant. Denk aan krabben, grondels, kleine kreeftachtigen en begroeide structuren waar je, als je rustig kijkt, steeds meer details ontdekt. Daardoor voelt een duik hier zelden leeg. Ook snorkelaars kunnen hier goed het water in. In de zomer en nazomer kun je hier regelmatig oorkwallen tegenkomen, vaak zwevend in de waterkolom of vlak onder het oppervlak.
Bij Bommenede Werkhaven Oost is weer zo’n stek waar je echt de tijd kunt nemen. De instap is gemakkelijk, het is hier meestal zeer rustig en de kracht van deze plek zit juist in de eenvoud. Je kunt hier lang en ontspannen duiken op een diepte van ongeveer 3 tot 6 meter. Dat maakt deze stek ideaal voor beginners die niet diep hoeven om een mooie duik te maken. Op die beperkte diepte kom je al veel begroeiing, klein leven en mooie bodemstructuren tegen. Ook voor snorkelaars is dit een fijne plek.
Het Dreischor Gemaal is een prachtige stek voor wie iets meer avontuur wil, maar nog wel in overzichtelijke omstandigheden wil duiken. De instap is wat lastiger, dus een dik touw meenemen is slim. Ook zijn er maar beperkt parkeerplaatsen, dus vroeg komen helpt. Onder water kun je hier op verschillende dieptes terecht, maar rond de 5 meter bij de dukdalven van het gemaal begint het al echt interessant te worden. Daar zie je goed hoeveel leven de Grevelingen te bieden heeft. Ook deze stek is geschikt voor snorkelaars, juist omdat er op geringe diepte al veel te zien is.
Waarnemen tijdens de duik
De tweede duik brengt ons iets onverwachts. Lekker rustig beginnen we aan de duik bij de Bergse Diepsluis. We gaan de stokken volgen in de kom, en hopen sepia en heel stiekem ook een zeepaardje te spotten. Na geruime tijd in het water te liggen zonder deze te spotten wordt het de hoogste tijd om weer richting de uitstap te gaan.
En dan zien we iets opvallends, een aantal grote witte eiersnoeren. We zijn fan van zeenaaktslakken, dus denken allemaal van hé dit moet wel van een slakachtige zijn. Los van elkaar zien we paarsachtige kegels liggen, die zich lijken te bewegen. We gebruiken de lampen om elkaar te signaleren, kijken allemaal goed naar deze paarsachtige kegels en maken enkele foto’s en een filmpje. Gekke waarneming, eentje om bovenwater eens over door te praten.
We zijn daarna nog niet uitgekeken, want we komen Japans bessenwier tegen en struinen deze af tot we baby snotolfjes tegenkomen. Zo is een duik die tegenvalt in waarnemingen ineens een rijke duik geworden!
Van waarnemen naar determineren
En vanaf het moment dat we weer met elkaar praten begint het vinden van het antwoord op de vraag ‘wat hebben we gezien’? Waren de paarse kegels slakken, wormen of zakpijpen? Duidelijker werd het niet. De boeken die we mee hadden gaven geen antwoord, online onderzoek inclusief fotoherkenning mocht niet baten. Daarom hebben we een hulpvraag gesteld op facebook in de hoop om daar een reactie te krijgen die onze zoektocht weer nieuw leven in zou blazen.
Dat is gebeurd en dat hebben we geweten ook. We hebben de Akera Bullata gezien. Een soort die nog niet eerder in Nederlands water is waargenomen. Via indirect contact met Naturalis hebben we zelfs mogen meedenken over de Nederlandse naam, de purperkogelzeehaas. Wat gaaf en bijzonder! En dat vervolgens onze waarneming ook nog heeft geleid tot een publicatie. Je kan je vast voorstellen dat wij stuiterend aan de telefoon met elkaar hebben gezeten en in de week tussen onze waarneming en publicatie meer met de purperkogelzeehaas zijn bezig geweest dan ons werk.
Wil je meer weten over de purperkogelzeehaas? Bezoek het natuurbericht.